Hoe Dodge de funk vond in Oss

{0 Comments}

door Bart ‘Dodge’ Verhoeven

Blog picture young Dodge on the timbalesVoordat ik mijn alter ego Dodge ontdekte, moest ik eerst nog de funk ontdekken. In de begin jaren zeventig woonde ik in het Brabantse Oss. Mijn buurjongen Erik en ik jamden altijd lekker op drums en percussie, we deden aan modelbouw en we keken science fictionfilms. Tegenwoordig zouden we absoluut onder de categorie nerds en geeks vallen.

AFN
Erik ontdekte een radiozender; AFN, American Forces Network Heidelberg. Speciaal in de lucht voor de Amerikaanse troepen in Europa. De wereld zag er toen heel anders uit, we vreesden een wereldoorlog en in de wereld waren op dat moment al diverse oorlogen bezig. De Amerikanen waren met een enorm leger in Europa om samen met de Europese legers het rode gevaar achter het IJzeren Gordijn te houden. Wat je op AFN hoorde was eigenlijk een afspiegeling van wat er in Amerika op de radio en tv en in de discotheken te horen was. De grimmige situatie in de wereld had volgens mij ook wel iets te maken met de behoefte aan dansen en plezier maken. En omdat Nederland muzikaal altijd achterliep, hoorden we vaak dingen ver van te voren al op onze mono-radio’s. Wolfman Jack draaide altijd dikke vette nieuwe funk, iets wat in ons land overigens weinig deed op de radio. Op een gegeven moment was daar de Soulshow op donderdagavond, maar dat was het. En die uurtjes waren veel te kort. 

Blog picture neighbour Erik at the window 1Vaak hingen Erik en ik uit het raam om AFN-ervaringen te delen. We mochten vaak van onze moeders niet afspreken omdat we huiswerk moesten maken. Gelukkig grensden onze kamertjes aan elkaar en hingen we de hele tijd uit het raam, waarschijnlijk verantwoordelijk voor onze latere bepekte professionele carrières. En we hoorden elke dag alle funkbands en al hun nieuwste hits. Er leek een soort opwindende spanning te bestaan toen, een soort gevecht in de hitparades over wie de vetste funk kon maken en de ene funkhit tuimelde over de andere. Het was heel anders dan wat hier gebeurde, die Amerikanen gingen er ook helemaal in mee.

De sound
Later toen ik zelf muziek ging maken ben ik nog iets gaan begrijpen over de sound. Het geluid uit radiospeakers toen, is anders dan het prachtige cd-kwaliteitgeluid van nu. De radio’s toen comprimeerden het geluid en de muziek werd toen ook gemaakt om goed te klinken uit een kleine speaker. Normaal gesproken gaat de bas en andere lage tonen verloren omdat een speakertje het niet aankan, dus waren de nummers zo gemixt, dat de bas goed te horen was, ook uit een enkele autoradiospeaker of transistorradio. Logisch eigenlijk dat een bas prominenter klinkt in funk omdàt het al belangrijk in de stijl is, maar ook omdat het extra benadrukt moest worden, anders zou het via de radio verloren gaan. Nu bijna niet meer voor te stellen, maar alle auto’s hadden standaard een speaker, dat wàs al een luxe-optie en ook de meeste transistorradio’s hadden ook maar een luidsprekertje.

P-Funk
Blog picture Erik at the windowToen we in die tijd instapten in de AFN-uitzendingen, leken daar als van vanzelfsprekend de P-funkbands toe te behoren. De hele ontstaansgeschiedenis van de funk wisten we niet. En hoe de grondleggers eigenlijk zelf tussen de volgers te horen waren. Het leek ook goed te passen maar ze schenen toch een andere stijl te hebben, vooral doordrenkt van een soort absurde humor. Het waren zulke maffe sounds, teksten en thema’s. Erik en ik gingen als vanzelf ook mee met die Amerikaanse funkconcurrentie. We ontwikkelden zelf ook voorkeuren tussen het aanbod. Toen bleek dat die voorkeuren ook nog eens een soort van verwant waren, kregen we langzaam een begrip voor de situatie. P-funk was een familie bands met eenzelfde filosofie. In Nederland en al helemaal in Oss, was voor ons de funk ver te zoeken. We waren ook te jong om zelf op zoek te gaan buiten de stad en provincie, we wisten niet eens waar we zouden moeten zoeken. Maar er was hoop, er was een platenwinkeltje, Popshop, en die had een flink funkaanbod. Het was een kleine alternatieve platenzaak tussen nog minstens vijf anderen in het centrum van Oss. In een klein donker zijstraatje zat het verscholen en een langharige nozem stond er altijd, flink rokend het zaakje te runnen. In de slecht geschilderde spaanplaat bakken stonden de lp’s gescheiden door plastic platen van 30 x 30 met een ruiter erop, gemaakt met de bekende lettertangstrips met de bandnaam erop. Alfabetisch natuurlijk en smoelzelig. Boven de bakken stond dan de muziekstijl aangegeven. Erik en ik struinden altijd de ‘funk’-sectie af naar de namen van bands die we hadden gehoord op AFN. Maar de langharige nozum wist meer, hij had zelfs een sectie ‘P-funk’! en toen we de lp’s en het artwork en de uren leesplezier van de hoezen zagen, begon de verzamelwoede toe te slaan. Het leek wel een vervolgverhaal, een samenhang tussen de hoezen, de nummers en het vocabulair.

Afkijken
De andere Amerikaanse funkbands konden er ook wat van, iedereen gaf een eigen draai aan het concept. We konden sommige groepen zelfs betrappen op een soort plagiaat; ze namen bijna letterlijk teksten over van de P-funkbands, konden blijkbaar niks beters bedenken. Dat zou ik ook weer jaren later pas goed gaan begrijpen; een origineel is soms zo goed, je kunt dan beter het origineel letterlijk overnemen in plaats van een slap aftreksel maken. Daarom speel ik al jaren op een imitatie custom made Bootsy-sterbas. Je kunt dan ook meteen zien van wie ik het heb en wat mijn inspiratiebron is. Kopiëren wordt dan meer een teken van respect in plaats dan diefstal. Op deze blog wil later ook nog eens delen hoe dat gegaan is. Toen vonden we het in ieder geval een soort zwakte, dat ze iets afpakten en kopieerden in hun eigen muziek. Het droeg wel bij aan een gevoel van een soort concurrentie tussen de bands, wat de koper en muziekliefhebber bleef aantrekken. Dus Erik en ik fietsten vaak naar Popshop en gingen opzoek naar lp’s waar de nummers op stonden die we op AFN hadden gehoord. De rokende nozem moest vaak nee-verkopen want de radio liep een week voor op het importgebeuren. We kregen ook onze eigen specialismes, het zou ook zinloos zijn om allebei een zelfde collectie aan te leggen.

Bootsy Stretchin' OutErik had alles van EWF, Shotgun, Slave, Confunction, Side Effect, Commodores en Kool and the Gang en ik was meer van T-Connection, Larry Graham, Dazzband, Gapband, Zapp en zelfs crossovers van wat ze toen ‘funkrock’ noemden. Jazzmuzikanten die een graantje van de funk meepikten. Wij vonden de eerste hiphop eigenlijk ook een crossover weet ik nog. En samen hadden we alle P-funk-platen die we maar konden bemachtigen. We verzamelden samen het grote verhaal en gunden elkaar alles. Maar er kwam daarin een verandering toen ik in 1976 Bootsy hoorde. Eerst op AFN natuurlijk en even later toen ik zijn eerste lp kocht. Dat was een levensveranderende ervaring. Zijn sound, funny voice, de ongelofelijke sterbas, The rubberband, afijn hier op Funkblog.nl behoeft dat geen uitleg. Erik zag ook wel dat ik sowieso alles zelf wilde hebben en we kregen een dubbele Bootsy-collectie. Nou was het compleet, er was geen weg meer terug uit de funk. Vooral Bootsy, the starbass en de starbass-sound zouden mijn muzikale voorkeur vanaf dat moment blijven bepalen. Van de begin jaren zeventig, stretching out all the way to the end…

Plaats reactie

Your email address will not be published.

*